Het eerste gemeen aanslepend dipje heeft zijn weg naar mijn reis gevonden...
Het begon min of meer op de boot - of nee, de dag van de lange busrit van Ushuaia naar Puerto Natales. Het afscheid van Amanda speelde me niet zo hard parten, dan wel een druk in mijn onderrug die ik maar al te goed herkende van enkele traumatiserende jaren terug (voor diegenen die me nog niet kennen als medisch rampgeval, dat komt misschien nog wel or ask around) en die ik absoluut niet graag zag komen. De busrit was dan ook zwaar en ik probeerde door de pijn heen te slapen. Ook op de boottocht - waar ik zo hard had naar uitgekeken - werd ik niet geteisterd door zeeziekte, maar door die pijnlijke onderrug. Bovendien waren er weinig interessante ontmoetingen en bracht ik veel van mijn tijd alleen door, waardoor het moeilijker is om je gedachten te verzetten. Ook het zien van de vele koppels, jong en oud, moeders met beebies, knuffelende papas of vrienden deed niet veel goeds aan mijn gemoedstoestand. Als je je al niet zo goed in je vel voelt heb je nood aan iemand aan wie je niet gans je verleden moet vertellen en eerst allerlei smalltalkvragen moet beantwoorden, aan iemand die je kent, een vertrouwde stem, iemand anders dan jezelf die je zegt dat het wel goedkomt, een oprechte dikke knuffel, een goed gesprek...
Enfin, ik probeerde zo goed als mogelijk te genieten van de vier dagen rust met zicht op bergen, fjorden, meren, kanalen, minidorpjes met de laatste 'indigenous' families en zelfs de zwaargolvende prachtige Pacific Ocean en enkele springende dolfijnen. Bovendien was er ook nog een spannend boek van 500pagina's en een 3tal films die de snoozefunctie van mijn rugalarm even met een harde klop uitzetten.
Na de boottocht besliste ik meteen door te reizen naar Chiloë, het tweede grootste eiland van Zuid-Amerika - na Tierra del Fuego. Chiloë staat gekend voor zijn typische manier van leven, geïsoleerd van de Spaanse kolonisatie-invloeden. De cultuur is gevormd door een mix van de eerste Spaanse settlers en twee indigenous-stammen: de Chonos die hoofdzakelijk op zee leefden, en de Mapuche die vanuit het noorden steeds meer land in bezit namen. Deze mix en de isolatie van het 'mainland' lieten duidelijke sporen na: men is afhankelijk van wat het eiland en de omringende kanalen te bieden hebben. Visvangst en agricultuur (vooral aardappels en graan) vormen bijgevolg de grootste bron van inkomen, en algen en zeewier worden zelfs naar Japan geëxporteerd. Dit zorgt voor een traditionele gastronomie, vooral gebaseerd op allerlei soorten vis en zeevruchten, die niet te missen valt. Je móet minstens 1keer vis of een gigantische reuzekrab gegeten hebben tijdens je verblijf op Chiloë: het is onwaarschijnlijk vers (je ziet je vis 's ochtends door de vele vissers met hun bootje aan land gebracht worden, waar hij gekuist en rechtstreeks naar de plaatselijke mercado gebracht wordt) en overheerlijk.
Ook op de architectuur heeft de isolatie natuurlijk een invloed: de overvloed aan hout en schaarsheid van metaal en andere bouwmaterialen zorgt ervoor dat alle huizen een houten basisstructuur hebben, en de eerste kerken zelfs volledig uit hout bestaan, met niet 1 nagel. Vele van deze kerken zijn ondertussen uiteraard gerestaureerd, en worden bovendien beschermd door Unesco World Heritage. Bovendien zijn vele huizen aan de oevers van een rivier of kanaal op palen gebouwd. Deze kleurrijke constructies luisteren hier naar de naam 'palafitos'.
Naast het benutten van de natuurlijke grondstoffen voor eten en onderdak, worden ze ook gebruikt voor het vervaardigen van allerlei nuttige 'tools' en gereedschap alsook handicrafts. Houten mandjes en keukengerei, wollen sjaals, handschoenen, mutsen, popjes, etc en juwelen gemaakt van allerlei soorten hout en schelpen vullen de vele kraampjes van elke 'mercado municipal'.
Ik bezocht een viertal dorpjes in Chiloë: Ancud in het noorden, hoofdstad Castro, het gezellige Chonchi en Cucao, een dorpje aan de westkust in het Parque Nacional Chiloë. De meeste dorpjes zijn gelijkaardig: rustige, gezellige, traditionele vissersdorpjes waar naast een bezoek aan de kerk en het plaatselijke museum niet veel te doen valt dan vanuit het hostelraam of een bankje naar de zee te kijken en dolfijnen en zeehonden te spotten. De namiddag op het strand in Cucao, aan de Pacific Ocean bleef me het meeste bij: verlaten strand, hevige golven, ruis van de zee, zonnetje maar toch stevige wind: zalig!
Ik genoot van de rust in Chiloë, maar tegelijk bleef mijn rug me parten spelen en begon ik na te denken over de planning en activiteiten van de volgende dagen.
Planning... ja dat is in deze periode van het jaar blijkbaar echt wel nodig: ik wou vanuit Puerto Montt een naar het schijnt prachtige, supermooie, overweldigende boottrip maken over de grens en 3 verschillende meren tot aan Bariloche: volzet tot eind maart. Okee, dan maar met de bus, en aangezien ik dan maar om 23u zou toekomen, probeerde ik een hostel te boeken. Ik contacteerde er minimum 10: allemaal vol. Het werd een heel avontuur die avond zelf met alle campings en zogoed als alle hostels vol, maar met de hulp van een vriendelijke taxichauffeur en hostelreceptionist (die wel een 20tal hostels belde) vond ik toch onderdak, weliswaar volledig uit het centrum. De volgende ochtend had ik geluk: ik vond plaats in Marco Polo Inn, een supertof hostel midden in het centrum waar zowel ontbijt als avondmaal in de - voor het hoogseizoen - zeer schappelijke prijs van 37 pesos inbegrepen zijn.
De volgende dag - zondag - stond er al meteen een rafting op het programma: rated III-IV (rafting is wereldwijd gerangschikt van I (kalm) tot V (rough)) en 'al limite' omdat we de grens met Chili overgingen op de rivier, was het een superzalige eerste kennismaking met deze avontuurlijke sport. Op een rustiger deel van de rivier sprongen we met z'n allen in het water (wees gerust: mét wetsuit) en lieten ons gewoon voortdrijven: heerlijk. Het was een superdag: zonnetje, prachtige omgeving in de bergen en een leuke activiteit die zeker herhaald zal worden.
En mijn rug dan?, denken jullie... Ja, de rafting heeft die pijn niet verholpen, noch verergerd. Ik kwam terug naar Bariloche om hier trekking te gaan doen, maar als je al pijn voelt als je een half uur in de stad zonder rugzak rondloopt of gewoon op een stoel zit of in je bed ligt... dan leek trekken met een grote rugzak op en neer in de bergen me niet het beste idee. Het is vervelend, want je neerleggen bij wat je lichaam je oplegt, terwijl je 'mind' je blijft zeggen hoe mooi de omgeving is en hoe onwaarschijnlijk die trektocht wel niet zal zijn, is heel moeilijk. Aanvaarden dat je de reden waarom je naar deze plaats kwam - of beter het doel - niet kan halen is lastig. Aanvaarden dat je het rustiger aan moet doen en niet om de twee-drie dagen verhuizen en constant bezig zijn en 'moven'... het is niet evident. En het leidt tot twijfel, onrust, tranen, eenzaamheid en een klein gemeen aanslepend dipje. Want je denkt dan aan de toekomst, en "ga ik nog wel naar die plaats gaan, want daar is ook veel trekking en kom ik mensen tegen die me vertellen hoe mooi het niet is en dat je het moet gedaan hebben en geraak ik alleen maar gefrustreerd dat mijn toestand en verdomde rug het niet toelaten..." Maar net om die reden plaatsen moeten overslaan is alweer een beslissing die heel moeilijk te nemen valt.
Bovendien moet je wegens het hoogseizoen wel vooruit plannen, want ergens toekomen en 10 hostels met die zware rugzak moeten aflopen vooraleer plaats te vinden is nu gewoon absoluut geen optie.
En die gebondenheid aan enerzijds plannen en anderzijds die pijnlijke rug zorgen voor... ja, een klein aanslepend dipje.
Hier in Bariloche heb ik me er bij neergelegd: ik moet het rustiger aan doen, even pauseren. Het heeft geen zin door te gaan en koppig toch die trekkings te doen want ik wil niet het risico nemen veel meer van mijn reis in gevaar te brengen. Bovendien was er in het hostel in San Martin de los Andes, waar ik mijn zomerspullen moet gaan ophalen, geen plaats vóór de 19de.. dus besliste ik een weekje rust hier in Bariloche te nemen. Het is aangenaam weer (ongeveer 25 graden met een schitterend blauwe hemel) en ik ga een aantal dagexcursies doen: dagje raften, dagje fietsen, dagje berg op, dagje naar El Bolsón... Daarnaast volg ik nog wat Spaanse les: 4x2u privéles (alle groepslessen op mijn niveau waren al volzet) en probeer ik veel te relaxen: lezen in het park, zonnen (lees: verbranden) op het strand, 's avonds een biertje in de bar van het hostel...
Het is eens iets anders - natuurlijk duurder dan kamperen en wandelen in de bergen - en ik geniet er eigenlijk wel van. Bovendien stel ik zo het vervelende plannen en beslissen even voor een weekje uit.
Luisteren naar je lichaam... het is niet (altijd) evident maar wel heel belangrijk. Weeral een levensles :)
Tuesday, January 15, 2008
Thursday, January 03, 2008
El fin del mundo y Tierra del fuego
Zoals gezegd werd Kerstmis op de bus gevierd dit jaar. Eenzaam stonden Amanda en ik 's ochtends om 6u op na slechts enkele uurtjes slaap. De avond ervoor - Kerstavond - was schitterend geweest. Omar, de dueño van het hostel, had samen met zijn zus een schitterend kerstmaal bereid. Zelf had ik pannenkoeken en een broodpudding (potting in het Zeels of ook breadpudding in het Engels) gemaakt en op tafel stonden verder nog broodjes met guacamole, chipskes, bloemkool met cocktailsaus, hesperolletjes, een slaatje, aardappelsla, pasta, kip in de oven, 'asado alleman' (soort vleesbrood of in het Zeels 'frikandon'), varkensvlees... Als dessert hadden we verder nog ijs met aardbeien en er was een overvloed aan wijn en zelfs gluhwein. Om 00u werden de flessen appelcider met luide knallen en veel enthousiasme ontkurkt. Ik hoef dus niet te vertellen dat opstaan lastig was en dat mijn buik precies nog altijd op ontploffen stond.
Het werd een vermoeiende busrit: bus op richting Punta Arenas, ergens in the middle of nowhere wisselen richting Rio Grande. Voor we daar aankwamen eerst nog ergens de overzetboot op om het Magallanes kanaal over te steken en helemaal doorweekt te worden door overslaande golven... Joepie, nog zo'n 10uur met een natte broek op de bus. Gelukkig konden we er wel mee lachen, wie moest er nu ook zo nodig helemaal vooraan op het dek staan om foto's te nemen, hihi. Na de ferry nog 2 maal de grenscontrole passeren: een keer aan de Chileense kant en een keer aan de Argentijnse. Dan aangekomen in Rio Grande om te wisselen van bus naar Ushuaia. Fjoew!
Op het zogezegde einde van de wereld kwamen we terecht in 'Cruz del Sur', een klein en gezellig hostel uitgebaat door Luca, een Italiaan en zijn Canadese vriendin Isabelle. Veel meer dan ons installeren en nog een theetje drinken zat er die dag niet meer in.
De volgende ochtend leerden we bij het ontbijt Belgische Hanne, Spaanse Maria en Canadese Steve kennen. Hanne is van De Pinte en studeert architectuur aan St-Lucas. Ze studeerde een semester in BsAs en geniet nu van haar laatste maanden rondreizend in Argentinie. Uitgezonderd Maria, trokken we samen naar Glaciar en Cerro Martial, en gletsjer bovenaan één van de bergen die het landschap achter Ushuaia vormen. Eerst enkele kilometers door de stad en dan het begin van een stijgend pad door het bos. Echt lastig was het niet, maar wel zeer modderig en die dag had ik gewoon echt helemaal geen energie. Toen we bovenop de berg onze picknick in de berghut opaten, beslisten Amanda (die zich wegens maandelijkse vrouwelijke toestanden ook niet zo goed voelde) en ik om niet nog eens anderhalf uur enkel omhoog te gaan tot de gletsjer. We genoten van het uitzicht over Ushuaia en het Beaglekanaal en namen de stoeltjeslift terug naar beneden, waar we terug naar het hostel wandelden. We waren uitgeteld!
De volgende dag zouden we naar P.N. Tierra del Fuego gaan om te wandelen en 1 of 2 nachten te kamperen. Amanda had die nacht echter geen oog dicht gedaan wegens buikkrampen en ik was wakkergeworden met een enorme kramp in mijn kuit waardoor ik in een automatische reflex rechtop sprong om mijn voet te grijpen en daarbij met een gigantische klap mijn hoofd tegen het veel te lage bed boven mij stootte. Auw auw auw! Ik voelde de koppijn en dikke buil meteen komen. De volgende dag was het alsof mijn kuitspier 5cm gekrompen was. Amai!
Helaas pindakaas gingen en Hanne en Maria dan maar alleen naar het park en lastten wij een rustdag in. Ook Canadees Steve bleef thuis, wegens nog veel te natte schoenen. Maar, na onze toch wel welverdiende rustdag, waren we de volgende dag wel klaar om te wandelen. We lieten het meeste van onze bagage achter in het hostel en trokken met een lichte rugzak richting P.N. Tierra del Fuego, een 63 000 hectare groot gebied met valleien, meren, rivieren en prachtige omringende bergen; op slechts 12 km van Ushuaia en grenzend aan Chili. Veel toeristen (ook Argentijnse families) gaan slechts voor 1 dag of logeren in de toeristische en betalende Lago Roca Camping & Refugio. Maar wij wilden net weg van al dat toeristische gedoe, dat we in Ushuaia en andere steden al genoeg gezien hadden. Dus leek 2 nachten kamperen op een gratis camping (uiteraard zonder faciliteiten zoals wc) aan de uitlopers van Laguna Verde, met helemaal niemand om ons heen, ons een wel veel geschiktere optie. Niemand om ons heen, zei ik?! Van menselijke aanwezigheid geen sprake, maar we hoefden maar één stap te zetten of onze kop uit onze tent te steken en hop: daar wipten zo'n tiental konijntjes snel de struikjes in. Pipi werd steevast met zicht op die lieve snuffeltjes gedaan en ook tijdens het eten waren ze bijzonder nieuwsgierig. Het waren er zoveel, en ze waren zó schattig, ook enkele helemaal zwartjes, hihi! We beslisten het park dan ook Tierra del Conejos of snuffeltjesland te dopen.
De eerste dag startten we met enkele simpele wandelingen, doch niet zonder avontuur daar we ons mislopen hadden en met kaart en kompas dwars door een dichtbeboomd bos gingen. Even paniek toen ik plots bedacht dat we dicht tegen de zuidpool waren (slechts 1000 km van Antarctica!) en we dus rekening moesten houden met magnetische afwijking... Toch maar verder wandelen en jahoor... ons gezond verstand en oriëntatievermogen liet ons niet in de steek want zo'n goed uur later kwamen we op de hoofdweg uit. Nog zo'n 6km stappen naar de camping...in de regen... tot we eindelijk en gelukkig ongeveer halverwege wél geluk hadden en opgepikt werden door een parkwachter in zijn jeep.
De volgende dag beslisten we de 'wandeling van 4km in 4uur' de Cerro Guanaco op te doen. En zwaar was het inderdaad: stevig stijgen en alsmaar omhoog en omhoog en omhoog... eerst door een dichtbegroeid bos, tot we een riviertje volgden naar een moerassige vlakte en we tot onze enkels in het waterig mos en de modder zakten... om dan de flank van de steenberg op te gaan... een heel steile laatste beproeving mét enkele doorsteken in resterende sneeuwvlaktes. Maar eens boven... wauw, wat een zicht! Niet alleen kon je in de verte Ushuaia zien liggen, met daarvoor het prachtige Beaglekanaal en de eilanden van Chileense Tierra del Fuego (oa. Isla Navarino), maar ook het volledige parque national met zijn meren, rivieren en prachtige groene valleien plus ook nog eens een 360graden zicht op alle omringende bergen op het einde van de Andes, zowel aan Argentijnse als Chileense kant van de Cordillera! Wauw, wauw wauw... geen woorden, echt waar. Na El Chaltén met Cerros Torre en Fitz Roy, en Torres del Paine was dit misschien wel de kers op de trektaart waarvan we de afgelopen weken hadden kunnen smullen.
Tijdens de zware afdaling - mijn knieën schreeuwden het uit - vroegen we ons af waarom die berg 'Guanaco' heette.. we hadden niet 1 van deze beestjes gezien... maar we kwamen al snel tot de conclusie dat wij zelf dan maar de guanacos moeten geweest zijn :) We kwamen doodmoe beneden toe en alvorens we naar de camping wandelden, trakteerden we onszelf op een lekkere liter bier in de pub van Lago Roca. Wat een alweer prachtige dag!
Na die nacht een regen- en windstorm in onze tent te doorstaan hebben, trokken we de volgende ochtend nog naar een beverkolonie, een makkelijke wandeling van 45minuten. De beestjes zelf kregen we natuurlijk niet te zien (die leven en werken snachts) maar het resultaat van hun werk wel: prachtig geconstrueerde dammen en uitgeholde bomen. Van een plaatselijke gids leerden we dat die beestjes niet het hout zelf eten, maar enkel gebruiken om hun dammen te bouwen. Zo stijgt het water aan de ene kant waardoor er meer en grotere waterplanten kunnen groeien en dát lusten ze wel graag! Weeral iets bijgeleerd, zie.
Terug in Ushuaia genoten we van een heerlijke gigantische zelfbereide salade nicoise in het hostel.
De volgende dag werd het een rustige dag - rustig voorbereiden voor... oudejaarsavond! Jaaaaa, ook hier gaat de tijd heel snel... al meer dan 2 maand onderweg. Het hostel bereidde zich voor op een huge dinnerparty. Voor 35 pesos werd ons een all-you-can-eat (hier noemt dat 'tenedor libre' en das grappig want dat betekent letterlijk 'vrij vork') buffet voorgeschoteld, met bbq-vlees, pasta, tonijncrêperoullade, ratatouille, gebakken aardappelen, chipskes, kaas en hesperolletjes... een overvloed aan wijn, cider, frisdrank, bier, whisky, fernet, champagne om 00u en als dessert nog zoete gebakjes en cake. Mmm. Al snel waren enkelen zat genoeg om de party op gang te brengen en te dansen. Zelf hield ik het behoorlijk bescheiden en om 3u30 kroop ik - doodmoe maar heel tevreden - mijn nestje in. Uiteraard feliz año a todos, dat alle wensen en dromen mogen uitkomen, en we vooral gezond blijven e ;)
Uitgerekend op 1 januari werden we nog blij verrast... een viavia kennis van Amanda - een vrouw van 70 - kwam ons oppikken aan het hostel voor een autorondrit door Ushuaia. We bezochten enkele supermooie en afgelegen strandjes alsook de luchthaven vanwaar je een prachtig zicht hebt op de stad en zijn omringende bergen en het Beaglekanaal; en genoten van een theetje met een koekje in het hostal van haar dochter. Leuk om ons bezoek aan Ushuaia - naar men zegt fin del mundo, maar vooral het meest zuidelijke punt van mijn trip door Zuid-Amerika - zo te kunnen afsluiten.
Velen vinden Ushuaia veel te toeristisch en niet echt de moeite om naartoe te gaan buiten het feit om te kunnen zeggen 'er geweest te zijn'... Er zijn inderdaad veel toeristen én veel toeristische 'attracties' (dure excursies op het Beaglekanaal en naar estancias in de buurt) maar ik heb er hard van genoten. Ushuaia is prachtig gelegen aan de voet van de Andes en met het Beaglekanaal aan zijn eigen voeten... en het was de 2x15uur durende busrit heen en terug meer dan waard.
Op 2 januari werd onze eigen moed (moed niet echt, maar ik vind het juiste woord niet) nogmaals getest: opstaan om 4u30 om de bus om 5u30 te nemen. Ik opnieuw richting Puerto Natales vanwaar de Navimag ferry binnen enkele uren richting Puerto Montt vaart (vier dagen op de boot, zie www.navimag.com); Amanda richting Rio Gallegos. Drie weken heb ik samen met deze supervrouw en vriendin mogen reizen en hebben we ervaringen, dromen, ideeën, kamer en tent, ontbijt lunch en dinner, straten en wandelpaden en nog zoveel meer gedeeld... Onze wegen splitsen hier, maar zullen ooit opnieuw kruisen. For now, vaar ik straks nieuwe ervaringen en mensen tegemoet!
Het werd een vermoeiende busrit: bus op richting Punta Arenas, ergens in the middle of nowhere wisselen richting Rio Grande. Voor we daar aankwamen eerst nog ergens de overzetboot op om het Magallanes kanaal over te steken en helemaal doorweekt te worden door overslaande golven... Joepie, nog zo'n 10uur met een natte broek op de bus. Gelukkig konden we er wel mee lachen, wie moest er nu ook zo nodig helemaal vooraan op het dek staan om foto's te nemen, hihi. Na de ferry nog 2 maal de grenscontrole passeren: een keer aan de Chileense kant en een keer aan de Argentijnse. Dan aangekomen in Rio Grande om te wisselen van bus naar Ushuaia. Fjoew!
Op het zogezegde einde van de wereld kwamen we terecht in 'Cruz del Sur', een klein en gezellig hostel uitgebaat door Luca, een Italiaan en zijn Canadese vriendin Isabelle. Veel meer dan ons installeren en nog een theetje drinken zat er die dag niet meer in.
De volgende ochtend leerden we bij het ontbijt Belgische Hanne, Spaanse Maria en Canadese Steve kennen. Hanne is van De Pinte en studeert architectuur aan St-Lucas. Ze studeerde een semester in BsAs en geniet nu van haar laatste maanden rondreizend in Argentinie. Uitgezonderd Maria, trokken we samen naar Glaciar en Cerro Martial, en gletsjer bovenaan één van de bergen die het landschap achter Ushuaia vormen. Eerst enkele kilometers door de stad en dan het begin van een stijgend pad door het bos. Echt lastig was het niet, maar wel zeer modderig en die dag had ik gewoon echt helemaal geen energie. Toen we bovenop de berg onze picknick in de berghut opaten, beslisten Amanda (die zich wegens maandelijkse vrouwelijke toestanden ook niet zo goed voelde) en ik om niet nog eens anderhalf uur enkel omhoog te gaan tot de gletsjer. We genoten van het uitzicht over Ushuaia en het Beaglekanaal en namen de stoeltjeslift terug naar beneden, waar we terug naar het hostel wandelden. We waren uitgeteld!
De volgende dag zouden we naar P.N. Tierra del Fuego gaan om te wandelen en 1 of 2 nachten te kamperen. Amanda had die nacht echter geen oog dicht gedaan wegens buikkrampen en ik was wakkergeworden met een enorme kramp in mijn kuit waardoor ik in een automatische reflex rechtop sprong om mijn voet te grijpen en daarbij met een gigantische klap mijn hoofd tegen het veel te lage bed boven mij stootte. Auw auw auw! Ik voelde de koppijn en dikke buil meteen komen. De volgende dag was het alsof mijn kuitspier 5cm gekrompen was. Amai!
Helaas pindakaas gingen en Hanne en Maria dan maar alleen naar het park en lastten wij een rustdag in. Ook Canadees Steve bleef thuis, wegens nog veel te natte schoenen. Maar, na onze toch wel welverdiende rustdag, waren we de volgende dag wel klaar om te wandelen. We lieten het meeste van onze bagage achter in het hostel en trokken met een lichte rugzak richting P.N. Tierra del Fuego, een 63 000 hectare groot gebied met valleien, meren, rivieren en prachtige omringende bergen; op slechts 12 km van Ushuaia en grenzend aan Chili. Veel toeristen (ook Argentijnse families) gaan slechts voor 1 dag of logeren in de toeristische en betalende Lago Roca Camping & Refugio. Maar wij wilden net weg van al dat toeristische gedoe, dat we in Ushuaia en andere steden al genoeg gezien hadden. Dus leek 2 nachten kamperen op een gratis camping (uiteraard zonder faciliteiten zoals wc) aan de uitlopers van Laguna Verde, met helemaal niemand om ons heen, ons een wel veel geschiktere optie. Niemand om ons heen, zei ik?! Van menselijke aanwezigheid geen sprake, maar we hoefden maar één stap te zetten of onze kop uit onze tent te steken en hop: daar wipten zo'n tiental konijntjes snel de struikjes in. Pipi werd steevast met zicht op die lieve snuffeltjes gedaan en ook tijdens het eten waren ze bijzonder nieuwsgierig. Het waren er zoveel, en ze waren zó schattig, ook enkele helemaal zwartjes, hihi! We beslisten het park dan ook Tierra del Conejos of snuffeltjesland te dopen.
De eerste dag startten we met enkele simpele wandelingen, doch niet zonder avontuur daar we ons mislopen hadden en met kaart en kompas dwars door een dichtbeboomd bos gingen. Even paniek toen ik plots bedacht dat we dicht tegen de zuidpool waren (slechts 1000 km van Antarctica!) en we dus rekening moesten houden met magnetische afwijking... Toch maar verder wandelen en jahoor... ons gezond verstand en oriëntatievermogen liet ons niet in de steek want zo'n goed uur later kwamen we op de hoofdweg uit. Nog zo'n 6km stappen naar de camping...in de regen... tot we eindelijk en gelukkig ongeveer halverwege wél geluk hadden en opgepikt werden door een parkwachter in zijn jeep.
De volgende dag beslisten we de 'wandeling van 4km in 4uur' de Cerro Guanaco op te doen. En zwaar was het inderdaad: stevig stijgen en alsmaar omhoog en omhoog en omhoog... eerst door een dichtbegroeid bos, tot we een riviertje volgden naar een moerassige vlakte en we tot onze enkels in het waterig mos en de modder zakten... om dan de flank van de steenberg op te gaan... een heel steile laatste beproeving mét enkele doorsteken in resterende sneeuwvlaktes. Maar eens boven... wauw, wat een zicht! Niet alleen kon je in de verte Ushuaia zien liggen, met daarvoor het prachtige Beaglekanaal en de eilanden van Chileense Tierra del Fuego (oa. Isla Navarino), maar ook het volledige parque national met zijn meren, rivieren en prachtige groene valleien plus ook nog eens een 360graden zicht op alle omringende bergen op het einde van de Andes, zowel aan Argentijnse als Chileense kant van de Cordillera! Wauw, wauw wauw... geen woorden, echt waar. Na El Chaltén met Cerros Torre en Fitz Roy, en Torres del Paine was dit misschien wel de kers op de trektaart waarvan we de afgelopen weken hadden kunnen smullen.
Tijdens de zware afdaling - mijn knieën schreeuwden het uit - vroegen we ons af waarom die berg 'Guanaco' heette.. we hadden niet 1 van deze beestjes gezien... maar we kwamen al snel tot de conclusie dat wij zelf dan maar de guanacos moeten geweest zijn :) We kwamen doodmoe beneden toe en alvorens we naar de camping wandelden, trakteerden we onszelf op een lekkere liter bier in de pub van Lago Roca. Wat een alweer prachtige dag!
Na die nacht een regen- en windstorm in onze tent te doorstaan hebben, trokken we de volgende ochtend nog naar een beverkolonie, een makkelijke wandeling van 45minuten. De beestjes zelf kregen we natuurlijk niet te zien (die leven en werken snachts) maar het resultaat van hun werk wel: prachtig geconstrueerde dammen en uitgeholde bomen. Van een plaatselijke gids leerden we dat die beestjes niet het hout zelf eten, maar enkel gebruiken om hun dammen te bouwen. Zo stijgt het water aan de ene kant waardoor er meer en grotere waterplanten kunnen groeien en dát lusten ze wel graag! Weeral iets bijgeleerd, zie.
Terug in Ushuaia genoten we van een heerlijke gigantische zelfbereide salade nicoise in het hostel.
De volgende dag werd het een rustige dag - rustig voorbereiden voor... oudejaarsavond! Jaaaaa, ook hier gaat de tijd heel snel... al meer dan 2 maand onderweg. Het hostel bereidde zich voor op een huge dinnerparty. Voor 35 pesos werd ons een all-you-can-eat (hier noemt dat 'tenedor libre' en das grappig want dat betekent letterlijk 'vrij vork') buffet voorgeschoteld, met bbq-vlees, pasta, tonijncrêperoullade, ratatouille, gebakken aardappelen, chipskes, kaas en hesperolletjes... een overvloed aan wijn, cider, frisdrank, bier, whisky, fernet, champagne om 00u en als dessert nog zoete gebakjes en cake. Mmm. Al snel waren enkelen zat genoeg om de party op gang te brengen en te dansen. Zelf hield ik het behoorlijk bescheiden en om 3u30 kroop ik - doodmoe maar heel tevreden - mijn nestje in. Uiteraard feliz año a todos, dat alle wensen en dromen mogen uitkomen, en we vooral gezond blijven e ;)
Uitgerekend op 1 januari werden we nog blij verrast... een viavia kennis van Amanda - een vrouw van 70 - kwam ons oppikken aan het hostel voor een autorondrit door Ushuaia. We bezochten enkele supermooie en afgelegen strandjes alsook de luchthaven vanwaar je een prachtig zicht hebt op de stad en zijn omringende bergen en het Beaglekanaal; en genoten van een theetje met een koekje in het hostal van haar dochter. Leuk om ons bezoek aan Ushuaia - naar men zegt fin del mundo, maar vooral het meest zuidelijke punt van mijn trip door Zuid-Amerika - zo te kunnen afsluiten.
Velen vinden Ushuaia veel te toeristisch en niet echt de moeite om naartoe te gaan buiten het feit om te kunnen zeggen 'er geweest te zijn'... Er zijn inderdaad veel toeristen én veel toeristische 'attracties' (dure excursies op het Beaglekanaal en naar estancias in de buurt) maar ik heb er hard van genoten. Ushuaia is prachtig gelegen aan de voet van de Andes en met het Beaglekanaal aan zijn eigen voeten... en het was de 2x15uur durende busrit heen en terug meer dan waard.
Op 2 januari werd onze eigen moed (moed niet echt, maar ik vind het juiste woord niet) nogmaals getest: opstaan om 4u30 om de bus om 5u30 te nemen. Ik opnieuw richting Puerto Natales vanwaar de Navimag ferry binnen enkele uren richting Puerto Montt vaart (vier dagen op de boot, zie www.navimag.com); Amanda richting Rio Gallegos. Drie weken heb ik samen met deze supervrouw en vriendin mogen reizen en hebben we ervaringen, dromen, ideeën, kamer en tent, ontbijt lunch en dinner, straten en wandelpaden en nog zoveel meer gedeeld... Onze wegen splitsen hier, maar zullen ooit opnieuw kruisen. For now, vaar ik straks nieuwe ervaringen en mensen tegemoet!
Sunday, December 23, 2007
Moet er nog ijs zijn?
Opmerking: soms moet je naar beneden scrollen om alle verhalen te lezen...
Uit mijn dagboek - zaterdag 15 en zaterdag 22 december
And impressive he was! Na de immens lange busrit - die uiteindelijk heel goed meeviel wegens het leren kennen van Stephan (een Duitser), Stefanie (een Zweedse) en Eduardo (een Colombiaan): supertoffe mensen; jammer van de korte tijd die we samen doorbrachten, die beperkt bleef tot de busrit, al zie ik hen mss in Ushuaia - kwam ik om 1u snachts aan in El Calafate, ging ik op zoek naar onderdak en een goede nachtrust in een degelijk bed. Na wat uitgezoek de volgende dag besliste ik te gaan voor mijn goeikoopste optie: een promobusticket Perito Moreno heen en terug + El Chalten heen en terug. De busrit naar Perito Moreno was mooi maar mijn mond viel open bij het aanschouwen van de immense gletsjer itself. Ik besliste om een boottochtje te doen om hem van dichtbij te kunnen aanschouwen en wauw... Er zijn echt geen woorden voor, want mooi en impressionant en prachtig en indrukwekkend en mindblowing en mondopenvallend etc schieten allemaal tekort. Ik weet de technische details niet helemaal meer, maar ik denk dat hij 60m boven water uitsteekt, 100m onder water en een oppervlakte heeft van ongeveer BsAs (of dat was mss Uppsala gletsjer...) Met wat geluk zie je een gigantische blok ijs met een immens lawaai naar beneden in het water vallen. Dat geluk is me die dag niet te beurt gevallen ondanks zo'n 2uur op een bankje in stilte genietend van het uitzicht. Enfin, in stilte... ik ben wel 10 keer rechtgesprongen als er weer eens een donder aankwam, maar twas telkens ergens ver weg in het midden van de gletsjer of aan de andere kant van de berg. Het was zo'n mooie dag, de zon scheen en het anders immens toeristische gebied was best rustig tegen 19-20u 's avonds. Ik had een goeie beslissing genomen! Op de bus leerde ik een meisje van de States kennen (of liever, een vrouw - heb haar leeftijd nog niet durven vragen). Het klikte meteen en we babbelden over meer dan enkel het traditionele "waar kom je vandaan, waar ga je naartoe, hoelang ben je hier al, wat doe je hier en wat zijn je plannen nog". Ze woont al 3 jaar in Bogota in Colombia en heeft ook een jaar in Bolivia gewoond; doet al jaren sociaal werk voor NGO's of human rights organisaties; was een maand geleden zo opgebrand en futloos dat ze zichzelf nu 6 maand de tijd geeft om al reizend uit te maken waar ze naartoe wil en welke zin we aan haar leven wil geven. Interesting! Haar naam is Amanda en ze is lief, tof, en fijn om mee om te gaan. Dus zit ik nu samen met haar op een camping ergens in the middle of nowhere in de bergen rond El Chalten... op 10 minuten van een prachtig gletsjermeer met uitzicht over Cerro Torre en andere indrukwekkende bergketens. Morgen gaan we verder om the mighty Fitz Roy te gaan zien... En nu gaan we koken op ons gasvuurtje. Mjammie. To be continued...
... De Fitz Roy was fantastisch. We wandelden tot aan de camping, waar we onze tent opzetten en genoten van een heerlijke pastamaaltijd. We kropen vroeg in ons bed want de volgende morgen ging wekker om 3u30. Met kleine oogjes en de kou vrezend kroop ik uit mijn slaapzak en tent om Amanda wakker te maken. Snel wat ontbijtgranen, nog even naar 'twc (een gat in de grond met vier houten muren errond) and off we go. Met onze koplamp op trokken we richting Fitz Roy, één van de bekendste en prachtigste bergen in het noordelijk deel van P.N. Los Glaciares. Het voelde surreëel en sprookjesachtig aan: best wel veel mensen hadden de moed gehad om vroeg op te staan en dus was het kamp gevuld met kleine lichtjes die we vanop het pad konden volgen. We leken wel een klein dwergendorpje dat ontwaakt was. Eyho eyho... De weg was best vermoeiend, altijd stijgend en steeds steiler. Aan de overkant van de vallei kleurde de horizon al oranje-rood-roos. De zon was komende. Om 5u15 arriveerden we op de top met een prachtig zicht op Fitz Roy, die helemaal vrij van wolken was en als een immense muur uit het Laguna de los Tres opsteeg. Wauw! En om 5u30 was het zover: daar was de zon en in stilte - buiten die verdomde israeli's gerekend, die moeten ook altijd kabaal maken - genoten we van het prachtig spektakel dat zich voor onze ogen afspeelde: aan de ene kant zonsopgang met prachtige kleuren en reflectie in de meren, aan de andere kant de Fitz Roy die geleidelijk in een rode-roze gloed gehuld werd. Hiervoor hadden we met plezier de koude en het ontieglijk vroege uur over. Nadien keerden we terug naar het kamp en na een stevig ontbijt en warme thee, pakten we onze spullen en begon het laatste stuk van de trekking terug naar El Chalten. Van El Chalten ging het meteen verder met de bus terug naar El Calafate. Moe maar tevreden zetten we onze tent op in de camping van het dorp. Wat een zalige trektocht. Ik genoot van de fysieke activiteit, de indrukwekkende natuur en de immens fijne en gezellige aanwezigheid van Amanda. We konden zo goed opschieten. Ze is 36 en heeft al zogoed als alle continenten van de wereld gezien, ze zit boordevol interessante verhalen, ervaringen, ideëen... We praten honderduit over verleden en toekomst en alles daartussen. Ze inspireert me. Wat een vrouw! Toen ze me vertelde dat ze aan het twijfelen was om misschien mee met me naar Torres del Paine te gaan - mijn volgende stop, de eerste in Chili - was ik dan ook door het dolle heen.
En ja hoor, we kochten beiden een ticket naar Puerto Natales, waar we de volgende dag om 21u30 aankwamen. We kwamen terecht in een zalig hostel, met donsdekens! en een superlief koppel als gastheer en -vrouw in blijde verwachting van een min3 weken oude beebie. De volgende dag wouden we meteen het P.N. Torres del Paine in voor een tocht van 5 dagen en gezien niets van kaas, salami, vlees, fruit of groente Chili in of uit mag, en we dus onze overschot snel in de bus hadden opgegeten, moesten we snel nog grocery-shoppen. Twas al na 22u maar de bewaker liet ons nog net de supermarkt in: snel, snel denken: pasta, een koekje, "shit, ze hebben hier geen kaas of salami of fruit...", dan maar een pot dulce de leche (lekker zoetebekken). We gingen nog snel een panaderia binnen voor 1.5kg brood, kwamen onderweg nog een verduleria en fruteria tegen en waren klaar om te gaan trekken! Hoera, weer de bergen in!
De volgende dag - woensdag - weeral vroeg opstaan: de bus naar Torres del Paine kwam ons om 7u30 aan het hostel ophalen. Om 11u aangekomen, om 12u catamaran over het meer, onze tent opzetten (ontdekken dat er veel wind was en dat een tent heel snel ver wegvliegt ;) ), lunchen en hopakee: klaar voor een tocht van 22km heen en terug naar Glaciar Grey. Gelukkig niet met onze zware rugzak. We waren moe en slaperig en het was een vermoeiende en lange dag maar helemaal de moeite. Niet zo impressionant als Perito Moreno, maar toch weer helemaal indrukwekkend hoe deze ijsmassa zich gevormd had en kleine ijsbergjes in het meer achterliet. Fascinerend ook hoe de meren allemaal een andere kleur hebben: van navy over grijs tot turquoiseblauw. De pakjespastamaaltijd voor mij en oatmeal (havermoutpap) voor Amanda werden met grote lust verorberd. En we hoefden geen schaapjes te tellen alvorens we op ons matje in ons tentje (allebei blauw, bijpassend bij de meren :) ) in slaap vielen.
Laat ik even uitweiden over P.N. Torres del Paine. Het is één van de meest bekende parken van Zuid-Amerika (misschien wel van de wereld) en 'a hiker's delight' met meer dan 200km goed aangeduide trekkingroutes, in een omgeving van - hoe kan het ook anders hier in Patagonie - bergen, meren, sneeuw, bossen, rivieren, watevallen, groene valleien, etc. Het park bevindt zich in Chili, op de grens met P.N. Los Glaciares in Argentinie. Gezien zijn beroemdheid en overweldigende natuur vormt het een must-see-and-do voor iedereen die aan het reizen is in Chili of Argentinie en het trekt dan ook duizenden toeristen aan, van backpackers over georganiseerde groepen tot bussen vol rijke oudjes. En de aangeboden accomodatie en luxe varieert dan ook sterk: van campings met niets meer dan een letrina (een wc-kot) tot heuse hosteria's met peperdure overnachtingen en maaltijden. Gezien de enorme aantrekkingskracht zijn de prijzen dan ook buiten proportie: 3500 Chileense pesos (ongeveer 5 euro) (help, het is een ramp opnieuw te leren omgaan met een nieuwe munteenheid) om te camperen! Dat lijkt misschien niet veel, maar dat is wat we hier in het hostel betalen voor een superzalig bed met donsdekens, warme douches, keuken, living met tv/dvd etc. Ook de toegang tot het park is het duurste at ik totnogtoe betaad heb: 15000 pesos. Het ís toeristisch en duur, maar als je Footprint leest kan je niet anders dan het met je eigen ogen gaan zien: "(heb mijn boek nu niet bij, maar de quote volgt ;) )".
Er zijn 2 populaire routes: ofwel doe je het volledige 'circuit': een trekking van ongeveer 180km en 8-10dagen, ofwel doe je de 'W' dat het circuit met enkele dagen inkort tot 4à5 dagen en toch de hoogtepunten meepikt. Nu, ik hou van trekkings en Amanda ook, maar we hadden beiden gemerkt dat als je alles zelf moet dragen - tent, slaapzak, matje, kookgerei, gas, kleren voor extreme koude en wind... - je dan best snel een zware rugzak hebt en je schouders en rug dat na enkele uren duidelijk aangeven. Daarenboven, voor 10 dagen eten meenemen...10 dagen camperen in barre omstandigheden... het leek ons nét iets te hoog gegrepen. We wouden er tenslotte vooral van kunnen genieten. Dus maakten we ons klaar voor de 5daagse 'W'. Amanda hield echter niet van 'W' (bijnaam van Bush, weetjewel) en we hoorden van mensen dat een bepaald stuk - de verbinding tussen het middenste en derde 'been' van de W - lang, saai en niet de moeite was om met je rugzak te lopen. Dus beslisten we op dag 2 om ons plan om te gooien en een omgekeerde A van Amanda (eigenlijk een U maar een mens moet creatief zijn, niet) en een I van Isabelle te lopen.
We lieten onze tent een nacht extra staan en trokken wederom voor een lang dagtocht naar Valle del Francés. Het begon prachtig, met de schitterende Cuernos bergen goed in zicht... tot het ergens aan het begin van die verdomde Franse vallei begon te regenen en waaien... Bah! Op de terugweg moeste we zelfs 2 serieuze hagelstormen doorstaan, maar we geraakten veilig op de camping - zonder kleerscheuren maar helemaal doorweekt. Gelukkig maakte de wijn van 2 lovely guys - Will and Chad - veel goed.
En ohja, ik zou het bijna vergeten: op dag 1 liepen Amanda en ik ons af te vragen wat je moet doen om Lonely Planet auteur te worden... Diezelfde avond maakten we kennis met een ouder koppel: een Pool en een Colombiaanse die samen in Australie wonen. And guess what, die man is de auteur van de eerste editie van de Lonely Planet gids van Colombia. Wat een toeval! We hebben hun emailadres en een invitatie in Melbourne op zak ;)
Dag 3 werd opnieuw catamaran en minibusje, op naar de andere kant van het park om in de namiddag nog een stevige klim - deze keer mét zware rugzak - naar campamento Los Torres. Daar zelf niets te beleven, maar we wilden zo dicht mogelijk bij de beroemde Torres overnachten om de ochtendelijke tocht - voor zonsopgang - zo draaglijk mogelijk te maken. En dat werd dus dag vier - vandaag - waar we om 3u30 uit slaapzak en tent kropen (brrr) voor een steile klim van 45 minuten over rotsblokken... Het uitzicht was prachtig: 3 granieten 'torens' die uit een meer de lucht in rijzen. Helaas waren er echter teveel wolken om het spectaculaire schouwspel van de opkomende zon die de bergen rooskleurt mee te maken. Jammer, maar it was worth it anyhow and we hadden het al bij Fitz Roy gezien... De trek werd afgesloten met een 3uur durende behoorlijk steile afdaling (amai mijn knieën) en beklonken met een lunch in de zon: de allerlaatste restjes brood, kaas en fruit. Zalig!
En dus lig ik nu onder mijn donsdeken in het hostel in Puerto Natales; en voelen we dat ons lichaam rust nodig heeft (de opties voor sauna's en massages worden nog gecheckt ;) ). Mijn plan wa om op kerstavond in Ushuaia te zijn, maar dat zou te hard rushen worden... en bovendien had ik met Amanda al allerlei leuke plannen: peperkoek en broodpudding maken, pannenkoeken eten, met ons donsdeken in de zetel naar films kijken, een kerstboom versieren, etc. Toen we aankwamen in het dorpje klonk overal in de straat kerstmuziek en de kassiersters in de supermarkt dragen hun kerstoutfit. Kerstmis is hier helemaal niet commercieel uitgebuit maar lekker authentiek en gezellig...
En velen willen naar Ushuaia voor Kerst... dus geraken bussen snel vol... dus was er voor ons beiden nog een plaats - oh yeah, Amanda reist nog even verder met me mee, joepie - op... jep 25 december. Kerstmis wordt dit jaar dus vroeg opstaan (om 7u vertrekt de bus al) en 15uur bussen met 2 overstappen all the way down to the end of the world. Maar het wordt wel fun. We hebben er allebei zin in en maken er wel iets van. Wat, dat laat ik jullie weten in een volgend verhaal.
Feliz Navidad, y'all!
Uit mijn dagboek - zaterdag 15 en zaterdag 22 december
And impressive he was! Na de immens lange busrit - die uiteindelijk heel goed meeviel wegens het leren kennen van Stephan (een Duitser), Stefanie (een Zweedse) en Eduardo (een Colombiaan): supertoffe mensen; jammer van de korte tijd die we samen doorbrachten, die beperkt bleef tot de busrit, al zie ik hen mss in Ushuaia - kwam ik om 1u snachts aan in El Calafate, ging ik op zoek naar onderdak en een goede nachtrust in een degelijk bed. Na wat uitgezoek de volgende dag besliste ik te gaan voor mijn goeikoopste optie: een promobusticket Perito Moreno heen en terug + El Chalten heen en terug. De busrit naar Perito Moreno was mooi maar mijn mond viel open bij het aanschouwen van de immense gletsjer itself. Ik besliste om een boottochtje te doen om hem van dichtbij te kunnen aanschouwen en wauw... Er zijn echt geen woorden voor, want mooi en impressionant en prachtig en indrukwekkend en mindblowing en mondopenvallend etc schieten allemaal tekort. Ik weet de technische details niet helemaal meer, maar ik denk dat hij 60m boven water uitsteekt, 100m onder water en een oppervlakte heeft van ongeveer BsAs (of dat was mss Uppsala gletsjer...) Met wat geluk zie je een gigantische blok ijs met een immens lawaai naar beneden in het water vallen. Dat geluk is me die dag niet te beurt gevallen ondanks zo'n 2uur op een bankje in stilte genietend van het uitzicht. Enfin, in stilte... ik ben wel 10 keer rechtgesprongen als er weer eens een donder aankwam, maar twas telkens ergens ver weg in het midden van de gletsjer of aan de andere kant van de berg. Het was zo'n mooie dag, de zon scheen en het anders immens toeristische gebied was best rustig tegen 19-20u 's avonds. Ik had een goeie beslissing genomen! Op de bus leerde ik een meisje van de States kennen (of liever, een vrouw - heb haar leeftijd nog niet durven vragen). Het klikte meteen en we babbelden over meer dan enkel het traditionele "waar kom je vandaan, waar ga je naartoe, hoelang ben je hier al, wat doe je hier en wat zijn je plannen nog". Ze woont al 3 jaar in Bogota in Colombia en heeft ook een jaar in Bolivia gewoond; doet al jaren sociaal werk voor NGO's of human rights organisaties; was een maand geleden zo opgebrand en futloos dat ze zichzelf nu 6 maand de tijd geeft om al reizend uit te maken waar ze naartoe wil en welke zin we aan haar leven wil geven. Interesting! Haar naam is Amanda en ze is lief, tof, en fijn om mee om te gaan. Dus zit ik nu samen met haar op een camping ergens in the middle of nowhere in de bergen rond El Chalten... op 10 minuten van een prachtig gletsjermeer met uitzicht over Cerro Torre en andere indrukwekkende bergketens. Morgen gaan we verder om the mighty Fitz Roy te gaan zien... En nu gaan we koken op ons gasvuurtje. Mjammie. To be continued...
... De Fitz Roy was fantastisch. We wandelden tot aan de camping, waar we onze tent opzetten en genoten van een heerlijke pastamaaltijd. We kropen vroeg in ons bed want de volgende morgen ging wekker om 3u30. Met kleine oogjes en de kou vrezend kroop ik uit mijn slaapzak en tent om Amanda wakker te maken. Snel wat ontbijtgranen, nog even naar 'twc (een gat in de grond met vier houten muren errond) and off we go. Met onze koplamp op trokken we richting Fitz Roy, één van de bekendste en prachtigste bergen in het noordelijk deel van P.N. Los Glaciares. Het voelde surreëel en sprookjesachtig aan: best wel veel mensen hadden de moed gehad om vroeg op te staan en dus was het kamp gevuld met kleine lichtjes die we vanop het pad konden volgen. We leken wel een klein dwergendorpje dat ontwaakt was. Eyho eyho... De weg was best vermoeiend, altijd stijgend en steeds steiler. Aan de overkant van de vallei kleurde de horizon al oranje-rood-roos. De zon was komende. Om 5u15 arriveerden we op de top met een prachtig zicht op Fitz Roy, die helemaal vrij van wolken was en als een immense muur uit het Laguna de los Tres opsteeg. Wauw! En om 5u30 was het zover: daar was de zon en in stilte - buiten die verdomde israeli's gerekend, die moeten ook altijd kabaal maken - genoten we van het prachtig spektakel dat zich voor onze ogen afspeelde: aan de ene kant zonsopgang met prachtige kleuren en reflectie in de meren, aan de andere kant de Fitz Roy die geleidelijk in een rode-roze gloed gehuld werd. Hiervoor hadden we met plezier de koude en het ontieglijk vroege uur over. Nadien keerden we terug naar het kamp en na een stevig ontbijt en warme thee, pakten we onze spullen en begon het laatste stuk van de trekking terug naar El Chalten. Van El Chalten ging het meteen verder met de bus terug naar El Calafate. Moe maar tevreden zetten we onze tent op in de camping van het dorp. Wat een zalige trektocht. Ik genoot van de fysieke activiteit, de indrukwekkende natuur en de immens fijne en gezellige aanwezigheid van Amanda. We konden zo goed opschieten. Ze is 36 en heeft al zogoed als alle continenten van de wereld gezien, ze zit boordevol interessante verhalen, ervaringen, ideëen... We praten honderduit over verleden en toekomst en alles daartussen. Ze inspireert me. Wat een vrouw! Toen ze me vertelde dat ze aan het twijfelen was om misschien mee met me naar Torres del Paine te gaan - mijn volgende stop, de eerste in Chili - was ik dan ook door het dolle heen.
En ja hoor, we kochten beiden een ticket naar Puerto Natales, waar we de volgende dag om 21u30 aankwamen. We kwamen terecht in een zalig hostel, met donsdekens! en een superlief koppel als gastheer en -vrouw in blijde verwachting van een min3 weken oude beebie. De volgende dag wouden we meteen het P.N. Torres del Paine in voor een tocht van 5 dagen en gezien niets van kaas, salami, vlees, fruit of groente Chili in of uit mag, en we dus onze overschot snel in de bus hadden opgegeten, moesten we snel nog grocery-shoppen. Twas al na 22u maar de bewaker liet ons nog net de supermarkt in: snel, snel denken: pasta, een koekje, "shit, ze hebben hier geen kaas of salami of fruit...", dan maar een pot dulce de leche (lekker zoetebekken). We gingen nog snel een panaderia binnen voor 1.5kg brood, kwamen onderweg nog een verduleria en fruteria tegen en waren klaar om te gaan trekken! Hoera, weer de bergen in!
De volgende dag - woensdag - weeral vroeg opstaan: de bus naar Torres del Paine kwam ons om 7u30 aan het hostel ophalen. Om 11u aangekomen, om 12u catamaran over het meer, onze tent opzetten (ontdekken dat er veel wind was en dat een tent heel snel ver wegvliegt ;) ), lunchen en hopakee: klaar voor een tocht van 22km heen en terug naar Glaciar Grey. Gelukkig niet met onze zware rugzak. We waren moe en slaperig en het was een vermoeiende en lange dag maar helemaal de moeite. Niet zo impressionant als Perito Moreno, maar toch weer helemaal indrukwekkend hoe deze ijsmassa zich gevormd had en kleine ijsbergjes in het meer achterliet. Fascinerend ook hoe de meren allemaal een andere kleur hebben: van navy over grijs tot turquoiseblauw. De pakjespastamaaltijd voor mij en oatmeal (havermoutpap) voor Amanda werden met grote lust verorberd. En we hoefden geen schaapjes te tellen alvorens we op ons matje in ons tentje (allebei blauw, bijpassend bij de meren :) ) in slaap vielen.
Laat ik even uitweiden over P.N. Torres del Paine. Het is één van de meest bekende parken van Zuid-Amerika (misschien wel van de wereld) en 'a hiker's delight' met meer dan 200km goed aangeduide trekkingroutes, in een omgeving van - hoe kan het ook anders hier in Patagonie - bergen, meren, sneeuw, bossen, rivieren, watevallen, groene valleien, etc. Het park bevindt zich in Chili, op de grens met P.N. Los Glaciares in Argentinie. Gezien zijn beroemdheid en overweldigende natuur vormt het een must-see-and-do voor iedereen die aan het reizen is in Chili of Argentinie en het trekt dan ook duizenden toeristen aan, van backpackers over georganiseerde groepen tot bussen vol rijke oudjes. En de aangeboden accomodatie en luxe varieert dan ook sterk: van campings met niets meer dan een letrina (een wc-kot) tot heuse hosteria's met peperdure overnachtingen en maaltijden. Gezien de enorme aantrekkingskracht zijn de prijzen dan ook buiten proportie: 3500 Chileense pesos (ongeveer 5 euro) (help, het is een ramp opnieuw te leren omgaan met een nieuwe munteenheid) om te camperen! Dat lijkt misschien niet veel, maar dat is wat we hier in het hostel betalen voor een superzalig bed met donsdekens, warme douches, keuken, living met tv/dvd etc. Ook de toegang tot het park is het duurste at ik totnogtoe betaad heb: 15000 pesos. Het ís toeristisch en duur, maar als je Footprint leest kan je niet anders dan het met je eigen ogen gaan zien: "(heb mijn boek nu niet bij, maar de quote volgt ;) )".
Er zijn 2 populaire routes: ofwel doe je het volledige 'circuit': een trekking van ongeveer 180km en 8-10dagen, ofwel doe je de 'W' dat het circuit met enkele dagen inkort tot 4à5 dagen en toch de hoogtepunten meepikt. Nu, ik hou van trekkings en Amanda ook, maar we hadden beiden gemerkt dat als je alles zelf moet dragen - tent, slaapzak, matje, kookgerei, gas, kleren voor extreme koude en wind... - je dan best snel een zware rugzak hebt en je schouders en rug dat na enkele uren duidelijk aangeven. Daarenboven, voor 10 dagen eten meenemen...10 dagen camperen in barre omstandigheden... het leek ons nét iets te hoog gegrepen. We wouden er tenslotte vooral van kunnen genieten. Dus maakten we ons klaar voor de 5daagse 'W'. Amanda hield echter niet van 'W' (bijnaam van Bush, weetjewel) en we hoorden van mensen dat een bepaald stuk - de verbinding tussen het middenste en derde 'been' van de W - lang, saai en niet de moeite was om met je rugzak te lopen. Dus beslisten we op dag 2 om ons plan om te gooien en een omgekeerde A van Amanda (eigenlijk een U maar een mens moet creatief zijn, niet) en een I van Isabelle te lopen.
We lieten onze tent een nacht extra staan en trokken wederom voor een lang dagtocht naar Valle del Francés. Het begon prachtig, met de schitterende Cuernos bergen goed in zicht... tot het ergens aan het begin van die verdomde Franse vallei begon te regenen en waaien... Bah! Op de terugweg moeste we zelfs 2 serieuze hagelstormen doorstaan, maar we geraakten veilig op de camping - zonder kleerscheuren maar helemaal doorweekt. Gelukkig maakte de wijn van 2 lovely guys - Will and Chad - veel goed.
En ohja, ik zou het bijna vergeten: op dag 1 liepen Amanda en ik ons af te vragen wat je moet doen om Lonely Planet auteur te worden... Diezelfde avond maakten we kennis met een ouder koppel: een Pool en een Colombiaanse die samen in Australie wonen. And guess what, die man is de auteur van de eerste editie van de Lonely Planet gids van Colombia. Wat een toeval! We hebben hun emailadres en een invitatie in Melbourne op zak ;)
Dag 3 werd opnieuw catamaran en minibusje, op naar de andere kant van het park om in de namiddag nog een stevige klim - deze keer mét zware rugzak - naar campamento Los Torres. Daar zelf niets te beleven, maar we wilden zo dicht mogelijk bij de beroemde Torres overnachten om de ochtendelijke tocht - voor zonsopgang - zo draaglijk mogelijk te maken. En dat werd dus dag vier - vandaag - waar we om 3u30 uit slaapzak en tent kropen (brrr) voor een steile klim van 45 minuten over rotsblokken... Het uitzicht was prachtig: 3 granieten 'torens' die uit een meer de lucht in rijzen. Helaas waren er echter teveel wolken om het spectaculaire schouwspel van de opkomende zon die de bergen rooskleurt mee te maken. Jammer, maar it was worth it anyhow and we hadden het al bij Fitz Roy gezien... De trek werd afgesloten met een 3uur durende behoorlijk steile afdaling (amai mijn knieën) en beklonken met een lunch in de zon: de allerlaatste restjes brood, kaas en fruit. Zalig!
En dus lig ik nu onder mijn donsdeken in het hostel in Puerto Natales; en voelen we dat ons lichaam rust nodig heeft (de opties voor sauna's en massages worden nog gecheckt ;) ). Mijn plan wa om op kerstavond in Ushuaia te zijn, maar dat zou te hard rushen worden... en bovendien had ik met Amanda al allerlei leuke plannen: peperkoek en broodpudding maken, pannenkoeken eten, met ons donsdeken in de zetel naar films kijken, een kerstboom versieren, etc. Toen we aankwamen in het dorpje klonk overal in de straat kerstmuziek en de kassiersters in de supermarkt dragen hun kerstoutfit. Kerstmis is hier helemaal niet commercieel uitgebuit maar lekker authentiek en gezellig...
En velen willen naar Ushuaia voor Kerst... dus geraken bussen snel vol... dus was er voor ons beiden nog een plaats - oh yeah, Amanda reist nog even verder met me mee, joepie - op... jep 25 december. Kerstmis wordt dit jaar dus vroeg opstaan (om 7u vertrekt de bus al) en 15uur bussen met 2 overstappen all the way down to the end of the world. Maar het wordt wel fun. We hebben er allebei zin in en maken er wel iets van. Wat, dat laat ik jullie weten in een volgend verhaal.
Feliz Navidad, y'all!
La ruta de los siete lagos
Uit mijn dagboek - dinsdag 11 december
San Martin de los Andes werd het eerste dorpje op mijn rit door de gelijknamige bergketen. Een intimistisch skioord in de winter - met dezelfde houten chalet charmerende infrastructuur - en een uitstekend wandel- en genietgebied in de zomer, schitterend aan het gebin van Argentina's Lake District gelegen. Ik voelde me er meteen thuis, ondanks het verlies (of beter afscheid) van Christina, dat even bleef nazinderen, en de vervelende ontmoeting met een opdringerige en ietwat uit de hoogte doende Canadees. Ik zette mijn trip de volgende dag alleen verder en vond dat prima: van natuur, stilte en omgeving genieten zonder dat iets moet of verwacht wordt, een praatje maken met een lokale inwoner op een bankje in het park, me amuseren met de meisjes die in het schitterende hostel werken, een ontmoeting met een Belgische familie die 5 jaar geleden naar daar verhuist is om tijdens hun pensioen van het leven en de natuur te genieten... Het was allemaal zo mooi en ik voelde me gelukkig. Al zetten een aantal zaken me wel aan het denken over 'toekomst', iets wat ik wel vaker heb hier. Als ik daar even over mag uitweiden... Ik vermoed dat he wel normaal is: ik zeg dan wel tegen mezelf: "goh Isa, je hebt nog zolang, je moet nu nog niet aan de toekomst denken", maar ik betrap me er zelf soms op tijdens een wandeling of busrit toch te denken aan 'wat zal ik doen als ik thuiskom, welke richting wil ik uit met mijn leven en wat wil ik bereiken'. Ik kom hier natuurlijk veel mensen met een zeer uiteenlopende maar uitermate interessante levenswandel tegen; en dat zet een mens wel aan het denken. Simpel zullen die beslissingen niet zijn, en ondanks dat er wel gedacht wordt, worden er natuurlijk nog geen knopen doorgehakt, want dan komt "och Isa, je hebt nog zolang" snel boven ;) En die beslissingen zullen wel komen zeker? Hier neem ik dagelijks beslissingen, en die beïnvloeden mijn leven dan misschien niet, ze zijn totnogtoe soms veel intenser en veel meer van mezelf geweest dan elke andere beslissing ooit. Hier merk ik pas wat het is om je leven zelf in handen te hebben en je pad zelf te bepalen. Hoezeer je dat thuis misschien zou ontkennen, daar laat je je ongetwijfeld meer beïnvloeden door omgeving en vrienden dan hier. Soit... één ding is zeker: dit jaar en deze ervaring zullen een invloed hebben.
In San Martin waren nog veel busdiensten afwezig wegens temporada baja en dus ging ik verder naar Villa la Angostura (ik liet een aantal spullen in het hostel, met de bedoeling die na m'n trip in het zuiden terug op te halen). Villa la Angostura is een klein dorpje dat ruwweg uit 3 straten bestaat: 1 richting San Martin in het noorden, de andere zuidelijk naar Bariloche en daar loodrecht op een straat richting haven en Parque Nacional Los Arrayanes dat zich op een soort van schiereiland bevindt. Het kruispunt van deze 3 straten - tevens het centrum van het dorp - wordt toepasselijk 'El Cruce' genoemd :) Villa la Angostura ligt ten noorden van het laatste meer van de 'Ruta de los siete lagos', een gravelweg die vanuit San Martin de los Andes door een schitterend groen berglandschap 7 meren passeert om te eindigen in Bariloche aan het immense Nahuel Huapi-meer. En aan dit laatste meer ligt dus ook Villa la Angostura. De raampjes van de bus waren stuk voor stuk in te kaderen schilderijtjes. In het noorden grenst het dorpje ook aan de zuidelijke armen van Lago Correntoso en Lago Espejo, wat een bergwandeling op een zonnige lentedag onvergetelijk maakte. Ik passeerde ook watervallen en twerd een heuse do-it-yourself-fotoshoot. Ik was voor het eerst - alhoewel, ik heb me nog al zo gevoeld, maar deze keer misschien nog net dat tikkeltje harder - zo ontzettend gelukkig en blij met mijn keuzes en met wat het leven me te bieden had. Op de terugweg maakte ik sprongetjes, huppelde ik en kon ik zelfs een luide jiha-kreet niet onderdrukken. Feist klonk even in mijn oren ("take it slow...take it easy on me" "money can't buy you back the love that you had then" en "there's nowhere to go but on" om even enkele lyrics naar mijn hand te zetten), tot mijn mp3-speler het - deze keer voorgoed denk ik - begaf. Achja, geen ramp, ik had hem helemaal nog niet zoveel gebruikt als ik dacht dat ik zou doen. Als de muziek in je hoofd klinkt, heb je hem blijkbaar niet altijd in je oren nodig (al mis ik het soms ook wel). Ik besliste om nog een dagje te blijven in dit prachtige pueblo (easy decision) en trok naar het PN Los Arrayanes, waar op het einde van een 12km lange tocht een bos van... ja, arrayanes (myrtle en inglés, weet niet in het vlaams) was. De tocht was zo makkelijk (plat) en ohzo saai en het was beginnen regenen en het theehuisje was niet open en op de terugweg was er een hondengevecht (heel agressief en erg) en daar was ik zo van aangedaan dat ik moest wenen (gelukkig 3 gaucho's te paard die me ter hulp schoten) en bovendien had ik van de saaie 30km wandelen (heen en terug) een gigantische blaar opgelopen zodat dat alles ervoor zorgde dat na één van de gelukkigste dagen van mijn reis, één van de ongelukkigste kwam. Wat liggen die emoties zo dicht bij elkaar hier. Alles is zo intens dat ik makkelijk van de ene in de andere emotie val binnen enkele minuten of uren of dagen...
De volgende dag snel verder naar Bariloche op het einde van de ruta de los 7 lagos. Bariloche wordt een beetje de hoofdstad van Patagonie genoemd omdat er zoveel mogelijke activiteiten zijn: mountainbiken, kayakken, canopy (soort death ride), trekken, rafting, etc. Gezien de 5daagse trekking van berghut naar berghut nog niet mogelijk was wegens teveel sneeuw, koos ik voor een excursie naar Mount Tronador en de Ventisquiero Negro. De eerste is een indrukwekkende berg die de natuurlijke grens met Chili vormt en die zijn naam haalt van de gletsjer, waarvan af en toe stukken ijs naar beneden in het nabije meer vallen, met een indrukwekkend donderend geluid als gevolg. De tweede wil zoveel zeggen als 'zwarte gletsjer' en ja, ik heb het met mijn eigen ogen gezien: hij is zwart (of toch grijzig). Dat komt door het vele vuil en sediment dat hij met zich meedraagt. Best piciaal om te zien. Onderweg ook nog twee wandelingetjes naar mooie, maar niet speciale (hey, i've been to iceland... twice ;) ) watervallen. Een mooie dag die afgesloten werd met een drankje in de gezellige bar van het hostel (waar avondmaal inbegrepen is in de prijs!).
De volgende dag was zoooo koud en regen en wind dat het een dagje binnenblijven en beetje plannen voor de komende haltes werd. Ik ging ook nog wat shoppen, maar ohja, het was zondag.
Dus werd maandag shopdag, oa. nieuwe zonnebril want de mijne was kapot en een camelbag want dat is toch echt wel handig als je gaat trekken (at the time of writing spreek ik al uit ervaring) en nogmaals Amir & co. (die Israeli van heel in het begin in de luchthaven van NY, die ondertussen al met een groep van maar liefst 6 Israelis aan het reizen is) toevallig tegen het lijf lopen en met hen een kabelliftje omhoog nemen op een berg (Cerro Campanario) met supermooie uitzichten over de stad en de meren en de lekkerste coco-dulce de lechetaart ever eten. Hoera!
Na wat ge-uitzoek of uitgezoek werd die avond de beslissing genomen om de volgende dag Bariloche te verlaten voor een 32u durende busrit richting El Calafate waar een naar het schijnt indrukwekkende gletsjer en een ander verhaal op me wacht. Bye bye 'lake district' en 'ruta de los siete lagos' I love you... and I'll be back.
San Martin de los Andes werd het eerste dorpje op mijn rit door de gelijknamige bergketen. Een intimistisch skioord in de winter - met dezelfde houten chalet charmerende infrastructuur - en een uitstekend wandel- en genietgebied in de zomer, schitterend aan het gebin van Argentina's Lake District gelegen. Ik voelde me er meteen thuis, ondanks het verlies (of beter afscheid) van Christina, dat even bleef nazinderen, en de vervelende ontmoeting met een opdringerige en ietwat uit de hoogte doende Canadees. Ik zette mijn trip de volgende dag alleen verder en vond dat prima: van natuur, stilte en omgeving genieten zonder dat iets moet of verwacht wordt, een praatje maken met een lokale inwoner op een bankje in het park, me amuseren met de meisjes die in het schitterende hostel werken, een ontmoeting met een Belgische familie die 5 jaar geleden naar daar verhuist is om tijdens hun pensioen van het leven en de natuur te genieten... Het was allemaal zo mooi en ik voelde me gelukkig. Al zetten een aantal zaken me wel aan het denken over 'toekomst', iets wat ik wel vaker heb hier. Als ik daar even over mag uitweiden... Ik vermoed dat he wel normaal is: ik zeg dan wel tegen mezelf: "goh Isa, je hebt nog zolang, je moet nu nog niet aan de toekomst denken", maar ik betrap me er zelf soms op tijdens een wandeling of busrit toch te denken aan 'wat zal ik doen als ik thuiskom, welke richting wil ik uit met mijn leven en wat wil ik bereiken'. Ik kom hier natuurlijk veel mensen met een zeer uiteenlopende maar uitermate interessante levenswandel tegen; en dat zet een mens wel aan het denken. Simpel zullen die beslissingen niet zijn, en ondanks dat er wel gedacht wordt, worden er natuurlijk nog geen knopen doorgehakt, want dan komt "och Isa, je hebt nog zolang" snel boven ;) En die beslissingen zullen wel komen zeker? Hier neem ik dagelijks beslissingen, en die beïnvloeden mijn leven dan misschien niet, ze zijn totnogtoe soms veel intenser en veel meer van mezelf geweest dan elke andere beslissing ooit. Hier merk ik pas wat het is om je leven zelf in handen te hebben en je pad zelf te bepalen. Hoezeer je dat thuis misschien zou ontkennen, daar laat je je ongetwijfeld meer beïnvloeden door omgeving en vrienden dan hier. Soit... één ding is zeker: dit jaar en deze ervaring zullen een invloed hebben.
In San Martin waren nog veel busdiensten afwezig wegens temporada baja en dus ging ik verder naar Villa la Angostura (ik liet een aantal spullen in het hostel, met de bedoeling die na m'n trip in het zuiden terug op te halen). Villa la Angostura is een klein dorpje dat ruwweg uit 3 straten bestaat: 1 richting San Martin in het noorden, de andere zuidelijk naar Bariloche en daar loodrecht op een straat richting haven en Parque Nacional Los Arrayanes dat zich op een soort van schiereiland bevindt. Het kruispunt van deze 3 straten - tevens het centrum van het dorp - wordt toepasselijk 'El Cruce' genoemd :) Villa la Angostura ligt ten noorden van het laatste meer van de 'Ruta de los siete lagos', een gravelweg die vanuit San Martin de los Andes door een schitterend groen berglandschap 7 meren passeert om te eindigen in Bariloche aan het immense Nahuel Huapi-meer. En aan dit laatste meer ligt dus ook Villa la Angostura. De raampjes van de bus waren stuk voor stuk in te kaderen schilderijtjes. In het noorden grenst het dorpje ook aan de zuidelijke armen van Lago Correntoso en Lago Espejo, wat een bergwandeling op een zonnige lentedag onvergetelijk maakte. Ik passeerde ook watervallen en twerd een heuse do-it-yourself-fotoshoot. Ik was voor het eerst - alhoewel, ik heb me nog al zo gevoeld, maar deze keer misschien nog net dat tikkeltje harder - zo ontzettend gelukkig en blij met mijn keuzes en met wat het leven me te bieden had. Op de terugweg maakte ik sprongetjes, huppelde ik en kon ik zelfs een luide jiha-kreet niet onderdrukken. Feist klonk even in mijn oren ("take it slow...take it easy on me" "money can't buy you back the love that you had then" en "there's nowhere to go but on" om even enkele lyrics naar mijn hand te zetten), tot mijn mp3-speler het - deze keer voorgoed denk ik - begaf. Achja, geen ramp, ik had hem helemaal nog niet zoveel gebruikt als ik dacht dat ik zou doen. Als de muziek in je hoofd klinkt, heb je hem blijkbaar niet altijd in je oren nodig (al mis ik het soms ook wel). Ik besliste om nog een dagje te blijven in dit prachtige pueblo (easy decision) en trok naar het PN Los Arrayanes, waar op het einde van een 12km lange tocht een bos van... ja, arrayanes (myrtle en inglés, weet niet in het vlaams) was. De tocht was zo makkelijk (plat) en ohzo saai en het was beginnen regenen en het theehuisje was niet open en op de terugweg was er een hondengevecht (heel agressief en erg) en daar was ik zo van aangedaan dat ik moest wenen (gelukkig 3 gaucho's te paard die me ter hulp schoten) en bovendien had ik van de saaie 30km wandelen (heen en terug) een gigantische blaar opgelopen zodat dat alles ervoor zorgde dat na één van de gelukkigste dagen van mijn reis, één van de ongelukkigste kwam. Wat liggen die emoties zo dicht bij elkaar hier. Alles is zo intens dat ik makkelijk van de ene in de andere emotie val binnen enkele minuten of uren of dagen...
De volgende dag snel verder naar Bariloche op het einde van de ruta de los 7 lagos. Bariloche wordt een beetje de hoofdstad van Patagonie genoemd omdat er zoveel mogelijke activiteiten zijn: mountainbiken, kayakken, canopy (soort death ride), trekken, rafting, etc. Gezien de 5daagse trekking van berghut naar berghut nog niet mogelijk was wegens teveel sneeuw, koos ik voor een excursie naar Mount Tronador en de Ventisquiero Negro. De eerste is een indrukwekkende berg die de natuurlijke grens met Chili vormt en die zijn naam haalt van de gletsjer, waarvan af en toe stukken ijs naar beneden in het nabije meer vallen, met een indrukwekkend donderend geluid als gevolg. De tweede wil zoveel zeggen als 'zwarte gletsjer' en ja, ik heb het met mijn eigen ogen gezien: hij is zwart (of toch grijzig). Dat komt door het vele vuil en sediment dat hij met zich meedraagt. Best piciaal om te zien. Onderweg ook nog twee wandelingetjes naar mooie, maar niet speciale (hey, i've been to iceland... twice ;) ) watervallen. Een mooie dag die afgesloten werd met een drankje in de gezellige bar van het hostel (waar avondmaal inbegrepen is in de prijs!).
De volgende dag was zoooo koud en regen en wind dat het een dagje binnenblijven en beetje plannen voor de komende haltes werd. Ik ging ook nog wat shoppen, maar ohja, het was zondag.
Dus werd maandag shopdag, oa. nieuwe zonnebril want de mijne was kapot en een camelbag want dat is toch echt wel handig als je gaat trekken (at the time of writing spreek ik al uit ervaring) en nogmaals Amir & co. (die Israeli van heel in het begin in de luchthaven van NY, die ondertussen al met een groep van maar liefst 6 Israelis aan het reizen is) toevallig tegen het lijf lopen en met hen een kabelliftje omhoog nemen op een berg (Cerro Campanario) met supermooie uitzichten over de stad en de meren en de lekkerste coco-dulce de lechetaart ever eten. Hoera!
Na wat ge-uitzoek of uitgezoek werd die avond de beslissing genomen om de volgende dag Bariloche te verlaten voor een 32u durende busrit richting El Calafate waar een naar het schijnt indrukwekkende gletsjer en een ander verhaal op me wacht. Bye bye 'lake district' en 'ruta de los siete lagos' I love you... and I'll be back.
Post!
Hola
Terug in de bewoonde wereld... morgen zal ik proberen werk maken van het updaten van dit blogje hier... heb al enkele mooie verhaaltjes klaarliggen.
Maar ik dacht tijdens het trekken aan het feit dat post krijgen wel leuk is (ok, ik weet dat ik zelf nog niet flink brieven of kaartjes heb gestuurd... shame on me) en toen bedacht ik dat ik eigenlijk al een adres heb waar ik rond midden januari ga zijn.
Dus als jullie niet te lang meer wachten en iets willen sturen (absoluut geen verplichting, maar ik laat het maar weten), mag je het naar volgende adres sturen:
Puma Youth Hostel
Isabelle VERSCHRAEGEN
A. Fosberry 535
San Martin de los Andes
Prov. de Neuquen
ARGENTINA
Rond 20 januari zou het wel ten laatste moeten toekomen, want dan ben ik daar terug weg...
Tis maar een tip e ;)
Terug in de bewoonde wereld... morgen zal ik proberen werk maken van het updaten van dit blogje hier... heb al enkele mooie verhaaltjes klaarliggen.
Maar ik dacht tijdens het trekken aan het feit dat post krijgen wel leuk is (ok, ik weet dat ik zelf nog niet flink brieven of kaartjes heb gestuurd... shame on me) en toen bedacht ik dat ik eigenlijk al een adres heb waar ik rond midden januari ga zijn.
Dus als jullie niet te lang meer wachten en iets willen sturen (absoluut geen verplichting, maar ik laat het maar weten), mag je het naar volgende adres sturen:
Puma Youth Hostel
Isabelle VERSCHRAEGEN
A. Fosberry 535
San Martin de los Andes
Prov. de Neuquen
ARGENTINA
Rond 20 januari zou het wel ten laatste moeten toekomen, want dan ben ik daar terug weg...
Tis maar een tip e ;)
Tuesday, December 04, 2007
Nieuw GSM nummer
Dag kiendjes,
Omdat ik hier zelf zelden ontvangst had met mijn vorig nummer, en ook geen telefoons vanuit Belgie kon ontvangen, heb ik vanaf heden een nieuw nummer.
Draai nu 0054 9 2944 210077 om me te bereiken.
Probeer dezelfde nummer maar voor sms'jes te sturen, maar tis niet zeker of ze zullen aankomen. En of ik zelf sms'jes kan sturen naar het buitenland is ook nog betwijfelbaar... maar ik kan jullie nu toch horen in nood- of feestgevallen :)
abrazos
isa
xx
Omdat ik hier zelf zelden ontvangst had met mijn vorig nummer, en ook geen telefoons vanuit Belgie kon ontvangen, heb ik vanaf heden een nieuw nummer.
Draai nu 0054 9 2944 210077 om me te bereiken.
Probeer dezelfde nummer maar voor sms'jes te sturen, maar tis niet zeker of ze zullen aankomen. En of ik zelf sms'jes kan sturen naar het buitenland is ook nog betwijfelbaar... maar ik kan jullie nu toch horen in nood- of feestgevallen :)
abrazos
isa
xx
Monday, December 03, 2007
Puerto Madryn y mi cumplimes
Uit mijn dagboek - zaterdag 1 december
De bus is de beste plaats om lange dagboek/blogverhalen te schrijven. Enfin, niet altijd want meestal zal ik nachtbussen nemen (gaat sneller voorbij want je slaapt én je spaart een nacht in een hostel uit) en op die bussen gaat het licht na het avondmaal meteen uit en wordt er meestal nog een film getoond. Maar overdag op de bus is ideaal om te schrijven. Mijn leven wordt hier zo ten volle geleefd - door mezelf! - dat het er anders gewoon zelden van komt. Ook met fotos uploaden is dat zo: dat duurt even en meestal heb ik het gevoel dat ik wel iets beters, leukers, socialers, spannenders, actievers... kan doen dan schrijven of achter de computer zitten. Maar goed, ik zit nu op de bus naar San Martin de los Andes, tis 8u 's ochtends en ik kom om 14u30 aan. Tijd om jullie een relaas te doen van de afgelopen dagen.
Op zondag 25 november kwam ik dus met de bus aan in Puerto Madryn en maakte de zon en de zee me helemaal vrolijk. Ik installeerde me in een gezellig - maar minder open en gastvrij - hostel met een kleine maar fijne tuin. Het hostel op zich was heel goed: nette kamers, propere en warme douches, uitgeruste en propere keuken, basic ontbijt, maar de gasten waren toch een pak geslotener dan wat ik gewoon was in BsAs. Daar kende iedereen iedereen en werden plannen samen gesmeed. "Ik ga naar de winkel, iemand iets nodig?" was in dagelijkse kost in BsAs. Hier stond iedereen precies meer op zichzelf, meestal in groepjes van al bestaande vrienden of koppels. Als ik me goed herinner heeft er me op die twee dagen dat ik er was niemand iets gevraagd. Dan moet je zelf maar actie ondernemen. Aan tafel of in de zetel vroeg ik zelf naar de afkomst of plannen van anderen, of pikte ik in op conversaties van anderen die in het Nederlands, Frans of Engels (zelden Spaans) gevoerd werden. Ik ben ervan overtuigd dat het verschil tussen de hostels zich meestal in de mensen bevind die er logeren; en dan meer specifiek in het feit of het hoofdzakelijk Europeanen of Noord-Amerikanen zijn, dan wel mensen van Zuid-Amerika. Totnogtoe ben ik slechts in een bruisende en naar men zegt Europees getinte hoofdstad en een toeristisch 'buitenverblijf' geweest, maar ik heb toch al een belangrijk verschil tussen beide 'culturen' ondervonden. Europeanen en Noord-Amerikanen - laat ik ze maar collectief 'westerlingen' noemen - zijn best wel veel geslotener, egoïstischer en vooral individualistischer dan Zuid-Amerikanen. Deze laatsten kennen een enorme gastvrijheid, zijn oprecht geïnteresseerd in je, beginnen spontaan een babbeltje, bieden je allerlei zaken aan... Kortom, ze delen gewoon meer, zowel plannen, ervaringen, gedachten als eten, activiteiten, etc. Het cliché dat mensen die minder hebben, meer geneigd zijn om hetgeen ze hebben toch te delen, klopt hier in zekere mate wel. Het is niet zo dat ze met hun geld smijten; ze verwachten wel dat je betaalt voor je eten, onderdak, etc. maar de manier waarop maakt niet zoveel uit. Of je hen nu meteen geld geeft, of een paar dagen later, of hen de volgende dag op een biertje of lekkere maaltijd trakteert... Dat maakt deze mensen bijzonder en aantrekkelijk en ik ben dan ook blij dat ik al met enkele van hen een fijne tijd hebt beleefd. Ik zeg niet dat er soms geen nadelen aan verbonden zijn: ze verwachten ergens eenzelfde openheid en gastvrijheid van jou, en als er dan eens yoghurt of fruit of eieren uit de frigo verdwenen zijn, kan dat soms wel eens vervelend zijn...vooral als je daar zelf net heel veel zin in had :) Maar hey, een winkel of kiosko vind je bijna op elke hoek van 't straat en ik heb al flink geleerd zo'n dingen te relativeren. De westerse 'voor wat hoort wat'-mentaliteit of "als ik je trakteer op een whisky van 10 pesos en jij mij op een biertje van 5, dan moet je me nog 5 pesos"-gedachten heersen hier niet. De ene keer betaal jij wat meer, de andere keer is het iemand anders. Je merkt ook dat enkel westerlingen daar van (zouden) profiteren. Het individualisme is zo overheersend bij ons - zelfs onder backpackers - dat ik me in dat hostel in Pto Madryn (om terug tot mijn verhaal te komen) niet helemaal op mijn gemak voelde. Na 3 weken ondergedompeld te zijn in een hostel met Zuid-Amerikaanse way of life, merkte ik dat ik een beetje van hun mentaliteit had overgenomen. Als je een jaar op reis bent, moet je een beetje op je geld letten en kan je niet altijd alles delen; maar met plezier bied ik mensen een koekje of cracker of stuk fruit of whatever aan. Dat kost je misschien 0.05 of 0.10 euro en toch merk je dat veel westerlingen dat niet doen. Het is 'hun' eten, zij hebben ervoor betaald en zij zullen het opeten. Je 'ontvangt' niets van hen, of dat nu over materialistische zaken gaat, of eerder emotionele/niet-tastbare.
In vergelijking met velen in het hostel, merkte ik dat ik al opener was geworden en me dan maar zelf voorstelde. Ze ontmoette ik een Belgisch koppel (Isabelle en Tom) die een jaar met de fiets door Zuid-Amerika trekken (zie link) en een Zwitsers koppel (Remo en Christina) die gezelschap zochten om een auto te delen. Ja, natuurlijk was ik geïnteresseerd! Christina (van BsAs) zou een dag vroeger uit Cordoba vertrekken om in haar laatste week in Argentina nog van zon, zee en strand te genieten vooraleer ze weer naar het koude Michigan moest. Toen ze maandagnamiddag aankwam, ging ik haar na een wandeling door het dorpje en op het strand ophalen aan het busstation. "Samen met het Zwitsers koppel een auto huren om de omgeving en het schiereiland 'Peninsula Valdés' te verkennen?" "Sure!" We bespraken de plannen voor de komende dagen en ik ging met Christina uit eten. We waren aan de zee dus werden het visjes. Volgende morgen vroeg uit de veren (rond 7u15), de goedkoopste auto huren, inkopen doen en hopakee... Cruisin! In onze Renault Clio 5deurs ging het richting Punta Tombo, waar een kolonie van circa 400.000 Magellanic pinguins ons opwachtte. (meer info op http://www.pinguins.info/FRAMES/Magelhaen.html). We maakten een tussenstop in Trelew, waar we een koffietje dronken in een cafe dat recht uit de jaren '50 kwam (met wifi :) ). Omdat we in het reservaat van Punta Tombo niet mochten eten, picnickten we aan de ingang. De eerste pinguin die we zagen werd enthousiast getrakteerd op een fotoshoot. Die beestjes zijn zó grappig en schattig en we konden ze bijna aanraken. Het was 'breeding season' dus vrouwtjes hielden hun eitjes warm of voedden hun newborn fluffy beebies, terwijl mannetjes de wacht hielden, voedsel uit de zee haalden of andere ventjes weerhielden om bij hun vrouwtjes te komen. Elk gezinnetje leeft in een eigen holletje in de grond, liefst een beetje beschut door een struik. Ik wist niet dat pinguins ook op een niet-besneeuwd landschap leefden. We bleven urenlang in het reservaat, tijd doorbrengend met de waggelende pinguins die zich rustig lieten bekijken. We keerden 's avonds terug naar het hostel in Pto Madryn, vulden de gastank, deden inkopen en laadden onze batterijtjes (letterlijk en figuurlijk) op voor de volgende dag.
Dan ging het noordwaarts richting schiereiland Peninsula Valdés, de thuishaven van zeehonden, meer pinguins, walvissen, guanaco's (soort lama's), schaapjes, hazen, met een beetje geluk orka's en nog veel meer fauna en flora. Vertrekpunt werd Puerto Piramides, het enige dorpje binnen het natuurreservaat, met 400 inwoners, een tankstation, een hotel, motel, hostel en camping, enkele resto's, 3 kiosko's en een handvol touroperators die boottochten richting walvissen of duikexcursies organiseren. We boekten een nacht in het hostel, dat er gezellig en proper uitzag, informeerden waar we best naartoe gingen en kropen terug de auto in. Een 80tal km over gravelweg (max 50-60km/u) verder stonden we op Caleta Valdés, een punt op het eiland waar een kolonie zeehonden (soort zeeolifanten, meer info http://nl.wikipedia.org/wiki/Zeeolifanten) het strand en de omringende zandbanken bevolkt. Wat een luie en rare beesten: godganse dag liggen ze daar maar, met hun logge lijf (mannetjes wegen 4000kg, vrouwtjes 'slechts' 900). "Het moet raar zijn om enkel een 'romp' en geen ledematen te hebben" dacht ik. Maar de romp en de vinnen van deze beestjes zijn uitermate gespierd: ze zorgen voor de verplaatsing van het hele lichaam. We waren getuige van een mannetje die zich op een gewelddadige manier meester maakte van enkele vrouwtjes, die zich, soms tevergeefs, uit de voeten probeerden te maken. We bezochten ook nog een kolonie pinguins, en reden dan moe maar tevreden terug naar het hostel.
Slechts weinig mensen logeren in Pto Piramides: de meeste toeristen komen voor een dagje 'whalewatching' en gaan meteen terug naar Pto Madryn. En ongelijk dat ze hebben! Het hostel kende niet veel gasten, maar werd 's avonds bevolkt door enkele 'lokale' kerels die wat gezellig kwamen uitrusten, een pint pakken en verhalen uitwisselen over de afgelopen dag. We werden meteen enthousiast ontvangen en getrakteerd op een fernet (Italiaanse likeur) con coca. Toen Christina vertelde (het is handig om iemand bij de hand te hebben die vloeiend spaans praat) dat ik die dag precies een maand onderweg was, werden meteen plannen gesmeed voor una fiesta. Tenemos que hacer una fiesta! Claro! Het Zwitserse koppel laadde de fotos en filmpjes op hun pc, terwijl Christina en ik een verfrissende douche namen. En dan was het tijd voor... champagne! Ja, ik vond dat mijn eerste maand onderweg best wel mocht gevierd worden en dus had ik de avond voordien in de winkel een fles champagne en een cake gekocht. Iedereen was blij met de traktatie en nadien werd het nog een feestje met Christina, Adriana (het meisje dat in het hostel werkt) en de gasten van daar. We trokken naar 'Margarita', de enige bar in het dorpje!
Het deed pijn om de volgende dag rond 8u30 al te moeten opstaan om een walvistour te boeken. De eerste tour was al volzet, dus werd het wachten tot 13u30. Maar de zon scheen, het strand was oh zo mooi en de tour was het wachten dubbel en dik waard. Walvissen zijn écht wel gigantisch, en ik zou er niet graag mee in het water belanden, maar toen ze langzaam naast en onder onze boot zwommen leken ze zo rustig, lief en vriendelijk. Het was best wel indrukwekkend om ze te zien springen, duiken, water omhoog spuiten... en ik verkoos dan ook om te genieten in plaats van steeds met mijn fototoestel in de weer te zijn. We bleven ongeveer 2uur in het water en volgden verschillende walvissen: moeders met hun beebie, beebies apart en zelfs een gezinnetje. Ongelooflijk was het.
Rond 17u strandden we terug in Pto Piramides dat er nog steeds rustig en mooi bijlag. Dit dorpje gaf me zo'n ontzettend fijn gevoel: compleet rustig, geen zorgen, gelukkig... inner peace noemen ze zoiets denk ik. Na een lang twijfelen beslisten Christina en ik om nog een nacht te blijven: de mensen waren zo ontzettend vriendelijk, het dorpje was zo ontzettend mooi en bovendien was ons door de kerels een asado belooft! We namen afscheid van Remo en (zwitserse) Christina - die met de auto terug richting Pto Madryn reden - en installeerden ons bovenop de kliffen. Genietend van een schitterende zonsondergang, liepen we daar plots Xavier tegen het lijf; een Spaanse kerel die we in BsAs hadden leren kennen. Hij was ook aan het reizen samen met een BsAse vriend en hun supercoole truck. Que el mundo es chiquito, no!? Toen de koude ons terug richting dorpje dreef genoten we samen nog van een mate en spraken we later met hen af aan het hostel. "ASADO ASADO" schreeuwden onze maag en hartjes al. Het was schitterend: Natalio - één van de lokale kerels en asador van dienst - had twee zakken vol vlees en nog een zak met sla, tomaat en uien gekocht. Het vuur was al aan en stilaan kwam de geur van Argentijns bbq-vlees het hostel binnen. De flessen wijn werden gekraakt en iedereen keek watertandend uit naar de eerste schaal met vlees. Als er stilzwijgend gegeten wordt, dan weet je hoe laat het is in Argentinie ;)
Enof Christina en ik de juiste beslissing genomen hadden om te blijven! Toen we van ons eten bekomen waren, leek een nachtje gezellig babbelen op het strand, met een flesje wijn bij de hand, ons wel wat. Paolo en ik in de truck van Miguel; Christina, Adriana, Xavier en zijn BsAse vriend van wie ik de naam kwijt ben in hun - echt wel coole maar oude - truck. Op naar een verlaten strand, een kwartiertje verderop. Uiteraard was het donker, ging het over een gravelweg met dalen en heuvels, putten en bobbels en kende Miguel de weg, maar Xavier niet en waren wij er eerst en bleven zij maar weg ;) Na een halve fles wijn met ons drie, en de meest ongelooflijke sterrenhemel die ik in mijn leven al gezien heb, besloten we om ze toch maar te gaan zoeken. We reden een heel eind terug, flikkerden met onze lichten maar in de verste verte geen andere auto te bespeuren. Mijn gsm zonder bereik (wat nu dus hopelijk met mijn nieuwe nummer opgelost is), Miguel zijn gsm zonder batterijen... gelukkig kreeg Paolo Christina wel aan de lijn: "we zitten vast met de truck in het zand! we zitten vast! we zitten in een zijweg en we hebben jullie net zien passeren. kom aub terug en haal ons hieruit!" Ok! Stoppen, draaien, terug, zijweg in, en ja... daar zagen we hen... veel te ver in een doodlopende zijweg gereden en zowel voor als achterwielen half in het zand :) Christina en Adriana waren door het dolle heen..."we wisten niet meer wat doen, die kerels hadden al beslist van gewoon hier te slapen, maar allez, dat gaat toch niet. en tis zo kou. maar wij gingen dan maar wandelen e. en dat ging eeuwen duren maar wat moesten we doen. en Adriana haar batterij was plat en ik had geen krediet om te bellen. en we zagen jullie passeren en wij maar roepen en lopen, maar jullie waren al weg. en we hadden de hoop al opgegeven. en toen belden jullie. gelukkig" Hilarisch was het, al begreep ik de wanhoop van de meisjes. Gelukkig wisten de lokale kerels wel hoe ze dit moesten aanpakken en we werden bevolen om de wielen te beginnen uitgraven. Met z'n allen. Volledig vrijmaken. "Ik heb dit al veel moeten doen met mijn truck..." dixit Paolo, "maar nog nooit om 3u 's nachts" :) Nadat het meeste zand rondom de wielen en achter de truck verwijderd was, werd het duwen. Met zijn allen. "Nu!" Met alle spieren die we in ons lijf hadden. Beetje voor-, beetje achteruit...totdat er voldoende ruimte gecreëerd was om de truck een soort van 'aanloopje' te geven om zich dan met wat extra gas uit zijn benevelde situatie te bevrijden. Alsof we de overwinning van ons leven behaald hadden werd er gejuicht en geknuffeld en geapplaudiseerd :)
Toch maar snel weer naar het dorpje waar we in Margarita bekwamen van het nachtelijke avontuur. De volgende ochtend stonden we met kleine oogjes klaar aan het hostel waar Miguel ons oppikte voor een lift naar Pto Madryn. In de busterminal kocht ik mijn ticket voor de nachtbus om via een omweg langs Neuquen de volgende dag in San Martin de los Andes aan te komen. Christina informeerde voor een vliegtuigticket back to BsAs, alwaar ze haar laatste weekend zou doorbrengen in Abasto met alle vrienden daar. "Vliegtuig om 14u...is volzet, maar wie weet komt er iemand niet opdagen." Miguel bracht mij naar het hostel en Christina naar de luchthaven. En ja hoor... Christina hing in de lucht, terwijl ik me op mijn gemak voorbereidde voor de busrit en de volgende halte van mijn trip...
San Martin de los Andes...een bergdorpje in het merengebied en het begin van Patagonie in het westen van het land... en het begin van een geleidelijke trektocht naar het einde van de wereld...met als alles goed gaat tussenstops - wisselend van enkele dagen tot enkele weken - in Bariloche, El Bolson, Esquel, El Chalten, El Calafate...
En als ik me ergens goed voel, dan blijf ik gewoon nog een dag... wat dat blijkt altijd een goede beslissing. Right on, Christina! Que te vaya bien!
Enof Christina en ik de juiste beslissing genomen hadden om te blijven! Toen we van ons eten bekomen waren, leek een nachtje gezellig babbelen op het strand, met een flesje wijn bij de hand, ons wel wat. Paolo en ik in de truck van Miguel; Christina, Adriana, Xavier en zijn BsAse vriend van wie ik de naam kwijt ben in hun - echt wel coole maar oude - truck. Op naar een verlaten strand, een kwartiertje verderop. Uiteraard was het donker, ging het over een gravelweg met dalen en heuvels, putten en bobbels en kende Miguel de weg, maar Xavier niet en waren wij er eerst en bleven zij maar weg ;) Na een halve fles wijn met ons drie, en de meest ongelooflijke sterrenhemel die ik in mijn leven al gezien heb, besloten we om ze toch maar te gaan zoeken. We reden een heel eind terug, flikkerden met onze lichten maar in de verste verte geen andere auto te bespeuren. Mijn gsm zonder bereik (wat nu dus hopelijk met mijn nieuwe nummer opgelost is), Miguel zijn gsm zonder batterijen... gelukkig kreeg Paolo Christina wel aan de lijn: "we zitten vast met de truck in het zand! we zitten vast! we zitten in een zijweg en we hebben jullie net zien passeren. kom aub terug en haal ons hieruit!" Ok! Stoppen, draaien, terug, zijweg in, en ja... daar zagen we hen... veel te ver in een doodlopende zijweg gereden en zowel voor als achterwielen half in het zand :) Christina en Adriana waren door het dolle heen..."we wisten niet meer wat doen, die kerels hadden al beslist van gewoon hier te slapen, maar allez, dat gaat toch niet. en tis zo kou. maar wij gingen dan maar wandelen e. en dat ging eeuwen duren maar wat moesten we doen. en Adriana haar batterij was plat en ik had geen krediet om te bellen. en we zagen jullie passeren en wij maar roepen en lopen, maar jullie waren al weg. en we hadden de hoop al opgegeven. en toen belden jullie. gelukkig" Hilarisch was het, al begreep ik de wanhoop van de meisjes. Gelukkig wisten de lokale kerels wel hoe ze dit moesten aanpakken en we werden bevolen om de wielen te beginnen uitgraven. Met z'n allen. Volledig vrijmaken. "Ik heb dit al veel moeten doen met mijn truck..." dixit Paolo, "maar nog nooit om 3u 's nachts" :) Nadat het meeste zand rondom de wielen en achter de truck verwijderd was, werd het duwen. Met zijn allen. "Nu!" Met alle spieren die we in ons lijf hadden. Beetje voor-, beetje achteruit...totdat er voldoende ruimte gecreëerd was om de truck een soort van 'aanloopje' te geven om zich dan met wat extra gas uit zijn benevelde situatie te bevrijden. Alsof we de overwinning van ons leven behaald hadden werd er gejuicht en geknuffeld en geapplaudiseerd :)
Toch maar snel weer naar het dorpje waar we in Margarita bekwamen van het nachtelijke avontuur. De volgende ochtend stonden we met kleine oogjes klaar aan het hostel waar Miguel ons oppikte voor een lift naar Pto Madryn. In de busterminal kocht ik mijn ticket voor de nachtbus om via een omweg langs Neuquen de volgende dag in San Martin de los Andes aan te komen. Christina informeerde voor een vliegtuigticket back to BsAs, alwaar ze haar laatste weekend zou doorbrengen in Abasto met alle vrienden daar. "Vliegtuig om 14u...is volzet, maar wie weet komt er iemand niet opdagen." Miguel bracht mij naar het hostel en Christina naar de luchthaven. En ja hoor... Christina hing in de lucht, terwijl ik me op mijn gemak voorbereidde voor de busrit en de volgende halte van mijn trip...
San Martin de los Andes...een bergdorpje in het merengebied en het begin van Patagonie in het westen van het land... en het begin van een geleidelijke trektocht naar het einde van de wereld...met als alles goed gaat tussenstops - wisselend van enkele dagen tot enkele weken - in Bariloche, El Bolson, Esquel, El Chalten, El Calafate...
En als ik me ergens goed voel, dan blijf ik gewoon nog een dag... wat dat blijkt altijd een goede beslissing. Right on, Christina! Que te vaya bien!
Subscribe to:
Posts (Atom)
